HR 23-12-1980, NJ 1981, 171 APV Schiermonnikoog

Casus

In dit arrest oordeelde de strafkamer van de Hoge Raad over het in de APV van Schiermonnikoog opgenomen verbod om zich met een gemotoriseerd voertuig te begeven op de openbare weg, behoudens middels een daartoe verleende vergunning.

De gedaagde heeft het verbod overtreden door zich met een gemotoriseerd voertuig - zonder vergunning - binnen de grenzen van de Gemeente Schiermonnikoog op de openbare weg te begeven. De gedaagde is veroordeeld door de rechtbank en in beroep gegaan.

Essentie

De Hoge Raad concludeert dat gedaagde weliswaar tijdig in beroep is gegaan maar de schriftuur te laat heeft ingediend. Niettemin behandelt de Raad de zaak ambtshalve.

De Hoge raad overweegt dat de Wegenverkeerswet beoogt vrije deelneming aan het verkeer voor iedereen, ongeacht of dit wel of niet gemotoriseerd verkeer betreft. De Raad overweegt voorts dat het APV-verbod, hoewel het een ander doel beoogt (bescherming karakter van het eiland), dermate algemeen en diep ingrijpt, dat het strijdig is met de Wegenverkeerswet en een ontoelaatbare doorkruising van een hogere regeling oplevert. Derhalve vernietigt de Raad het vonnis voor wat betreft de strafbaarverklaring en ontslaat de verdachte van alle rechtsvervolging.

 

Laat een reactie achter